Het was een vraag die regelmatig in me opkwam, sluimerend op de achtergrond, als een kwelduiveltje dat onzichtbaar op mijn schouder zat: Doe ik het wel goed? Ben ik wel een goede mama?

Het was een vraag die, zonder dat ik het zelf goed doorhad, stress en spanning met zich meebracht. Iets waar ik al meer dan genoeg van had.

Door hier in PRH-coaching bij stil te staan, leerde ik dit kwelduiveltje beter kennen.
Ik stond stil bij wat het voor mij betekende om ‘een goede mama’ te zijn. Zo vond ik mezelf pas een goede mama als ons dochtertje zich altijd goed voelde. En als ze zich altijd met mij in verbinding voelde. Daar bovenop dacht ik dat er ook op elk moment contact nodig was om die verbinding te kunnen voelen.

Ik leerde zien dat ik mezelf eisen oplegde die niet goed waren, voor geen van ons beiden. Ik zag ook hoe dit alles voortkwam uit mijn eigen kindertijd, waarin ik het gemist heb om me verbonden te voelen met mijn ouders. Dit gemis zette me aan tot overmatig ‘invoelen’ in hoe zij zich voelde en overmatig zoeken naar de bevestiging van een gevoel van verbinding.

Deze inzichten lieten voorzichtig het idee in me groeien dat een gevoel van verbinding ook mogelijk is zonder met elkaar te spreken of in interactie te zijn, terwijl we gewoon elk ons eigen ding doen. Ik moest hier aan wennen. Het was zo anders dan wat ik kende. Zo anders dan hoe ik tot nu toe geleefd had.

Het vormde het begin van een leer- en groeiproces dat nog altijd verder gaat. Ik observeerde mijn neiging om steeds ‘in te voelen’ en contact te zoeken en zocht naar hoe ik gewoon bij mezelf kon blijven en een gevoel van verbondenheid op een diepere laag kon ervaren.

Ik leerde erop vertrouwen dat ik het wel zou zien of merken als ons dochtertje zich niet goed voelde. Zo leerde ik haar meer vrijheid geven en ben ik zelf ook vrijer geworden. Ik verlies nu veel minder energie in de opvoeding en ben meer in voeling met mezelf.

 

 

 

 

PRH, persoonlijkheidsvorming, ouders, kinderen, opvoeden, opvoeding. persoonlijke groei,